Geringe wijziging BEX 2020 en verruiming voorwaarden

6 juli 2020

Heeft u relatief veel jongvee op uw bedrijf en wilt u de BEX toepassen? Vanaf 2020 zijn hiervoor meer mogelijkheden. Nieuw is dat u de BEX ook mag toepassen, indien 50% tot 70% van de fosfaatproductie van uw melkvee afkomstig is van melkkoeien. Wel mag u niet te veel pinken hebben ten opzichte van uw kalveren. Daarnaast zijn er minimale aanpassingen in de rekenregels.

Meer jongvee toegestaan
U mag de BEX alleen toepassen wanneer minimaal 50% van de fosfaatproductie van melkvee afkomstig is van de melkkoeien (was 70%). Dit betekent dat u vanaf 2020 met relatief veel jongvee toch gebruik kunt maken van de BEX. Ligt de fosfaatproductie van uw melkkoeien tussen de 50 en 70% van het melkvee? Dan moet de verhouding tussen pinken en kalveren kleiner zijn dan 1,333. Is dat niet het geval? Dan mag u de BEX niet toepassen.

Kleine aanpassingen
Naast de verruiming van de voorwaarden heeft u te maken met enkele kleine aanpassingen in de berekening. Aangezien de wijzigingen beperkt zijn, zal het een beperkt effect hebben op uw BEX-productie.

VEM-behoefte
Heeft u paarden, pony’s of (biologische) geiten? Van deze dieren zijn de VEM-behoeftes geactualiseerd.

Verteringscoëfficiënt
Enkele standaardwaarden voor de verteringscoëfficiënten ruw eiwit zijn geüpdatet. Evenals de formule voor de bepaling van de verteringscoëfficiënt van het ruw eiwit in mengvoer.

RAV-stalsystemen
Uw stalsysteem is van invloed op uw uiteindelijke BEX-productie in verband met de ammoniakemissie. In de BEX-berekening zijn de emissiewaarden van de stallen A 1.13 en A 1.30 verlaagd, waardoor de stikstofproductie met deze systemen wat hoger uitvalt. Verder is het stalsysteem A 1.35 toegevoegd.